Muoike Tryn & Madame Tussaud en de Franse cantharellen

In Amsterdam, Londen, New York, Las Vegas en zelfs in Sjanghai en Hong Kong zijn de wassen beelden van Madame Tussaud fameuze publiekstrekkers. De hoofdrolspeler van de nu volgende vakantie anekdote heeft daar niets mee van doen, maar ontleent slechts haar naam aan de grondlegger van die beroemde musea. De volbloed Engelse Cocker Spaniël, luisterend naar de naam ‘Madame’, maar even zo vaak liefkozend ‘Madammeke’ genoemd, kreeg van Muoike Tryn de bijnaam ‘Madame Tussaud’. Ze mag namelijk verdraaid graag in de auto vertoeven en ze laat zich daarin roerloos, als was ze een beeldje, rond rijden. Slechts als het autoraampje open staat kun je zien dat ze echt is, want dan wapperen haar oren door de wind.

Muoike Tryn is helemaal geen echte tante van de familie waar het teefje thuishoorde, maar een meer dan goede kennis. Ze staat altijd klaar met raad en daad. De kinderen hadden haar van jongs af aan al ‘Muoike’ genoemd. Zij betekent heel veel voor het gezin en het was ook al jaren gewoonte dat Muoike Tryn mee ging op vakantie. Meestal was dat naar de Veluwe, maar dit jaar, we schrijven ergens in het midden van de jaren zeventig, moest dat maar eens Frankrijk worden. D’Ardêche was het uitverkoren reisdoel. Een enorme happening voor zowel de ouders als de vier kinderen: voor het eerst naar het buitenland! Gelukkig sprak Muoike een klein mondje Frans, ook al zouden daar nog veel ledematen aan te pas komen. En het was Muoike Tryn die vlak voor de vakantie opperde dat Madame wel schijnzwanger leek. Maar ze had ook meteen een goede remedie: de vakantie zou zoveel afleiding bieden dat het teefje die onzin wel uit d’r koppie zou zetten.

Het was een bijzondere uittocht toen de stoet werd uitgezwaaid door de buurt. Pa en ma met twee meiden in de auto met de kipcaravan voorop, gevolgd door Muoike Tryn in haar deux chevaux met de beide jongens op de achterbank. En Madame? Die zat mooi te wezen als een wassen beeldje voor het raam van een soort bovenmaatse sleurbench.

De reis verliep voorspoedig en zonder noemenswaardige ‘periferiquelen’ werd Parijs genomen. Madame onderbrak haar pose al die tijd slechts tijdens de plaspauzes. Na Lyon maakte bij Livron-sur-Drôme de snelle tolweg plaats voor bochtige binnenwegen en daar begonnen de problemen. In beide auto’s sloeg de wagenziekte toe onder de kinderen en Muoike zag dat ook Madame moeite had op haar plaats te blijven zitten. Eenmaal slingerde ze zelfs helemaal uit beeld. Daar het ook al tegen de avond liep en de penetrante zure lucht in de auto’s haast niet meer te harden was, werd het de hoogste tijd om naar een camping uit te kijken. Even voorbij Aubenas werd een prachtig rustiek plekje gevonden op een berghelling. De kinderen kwamen gelukkig weer tot leven en Madame inspecteerde het terrein uitgelaten. Muoike en de familie zetten de caravan op zijn plaats en er werd een tweetal tentjes opgezet. En zo settelde men zich. Er werd meegebrachte Hollandse pot gekookt en moe zocht een ieder daarna de slaapzak op. Madame kreeg een plaatsje in de voortent en toen het stil werd krulde ze zich lekker op haar eigen kleedje.

De volgende ochtend werd de omgeving verkend. De kinderen vermaakten zich in het stroompje nabij de camping en Muoike ging met de beide ouders en de hond het bos in. Daar werd haar informatie bevestigd. Vooral ten westen van de Drôme zou het vergeven zijn van de eetbare cantharellen. Deze paddenstoel wordt ook wel hanenkam of dooierzwam genoemd en moet zeker niet verward worden met de niet eetbare valse hanenkam of de lantaarnzwam. Deze laatste is zelfs giftig. Maar Muoike wist er alles van en was heel stellig: dit waren eetbare cantharellen. Diezelfde middag werden ook de kinderen gemobiliseerd om ze te zoeken en te plukken. En nog diezelfde avond werd door Muoike op het gaspitje een Provençaalse schotel gekokkereld volgens haar eigen recept. Zelfs Madame zat met aandacht de lekkere geurtjes uit de voortent op te snuiven. En er was meer dan genoeg. Want toen een ieder zijn buik ervan vol had, kreeg Madammeke de laatste restjes. Die werden met smaak verorberd totdat de hond in de pot werd gevonden…

Muoike zat met de beide ouwelui lekker uit te buiken onder het genot van een glaasje rosé, de kinderen deden een badminton competitie en Madame scharrelde wat onrustig hijgend rond de tent. Het was zo’n beetje de ultieme vakantiebeleving, zo je wilt, het gevoel dat een bekende verzekeraar ons wil doen geloven in een befaamd reclamespotje. Totdat het hijgerige gedrag van de hond ineens overging in kokhalzen en overgeven. De overheerlijke schotelresten van Muoike lagen weldra onwelriekend tussen de haringen van de voortent. De serene sfeer veranderde als in een handomdraai. En de braakneigingen bleven maar aanhouden, ook toen het maagje van Madame al lang leeg moest zijn. Blikken van afgrijzen maakten plaats voor zorgelijke gezichten. Plotseling maakte zich een vreselijke paniek meester van Muoike Tryn. De bedrieglijk lekkere cantharellen waren giftig! Het moest wel de lantaarnzwam zijn die ze met elkaar op hadden zitten schransen, opperde ze stellig. De hele familie was van de kaart. De oudste dochter begon ook spontaan  te kokhalzen, het jongste zoontje huilde en de rest wedijverde met elkaar in wie het bleekste gezicht had. Maar zoals altijd had Muoike ook nu zelf de oplossing. Naar het ziekenhuis! Onderweg naar het hospitaal van Aubenas was een déjà vu van de heenreis omdat de beide auto’s beurtelings moesten stoppen voor de kinderen. Het bleef onduidelijk of de wagenziekte, de paniek dan wel de cantharellen hieraan debet waren. Bij de eerste hulp probeerde Muoike het verplegend personeel duidelijk te maken wat er aan de hand was. Dat had letterlijk nogal wat handen en voeten in de aarde. Maar uiteindelijk kreeg ze het voor elkaar dat de hele familie werd opgenomen en rond het middernachtelijk uur lagen ze allemaal met leeggepompte magen ter observatie in het Franse streekziekenhuis.

Pas tijdens het ochtendgloren kwam een ieder weer bij zinnen. ‘Oh nee! Madammeke!’, riep de jongste meid. ‘Misschien is ze wel dood’, vertwijfelde haar zus. In alle consternatie had echt niemand zich meer om de hond bekommerd. De hele familie, Muoike incluis, schaamde zich diep. Hoe hadden ze die schat kunnen vergeten? Op de camping aangekomen vlogen ze allemaal de auto uit en iedereen ging stante pede op zoek. Madame was niet te vinden en er kwam geen reactie op roepen. Totdat Muoike vermaande: ‘Stil es eventjes, jongens, ik hoor wat!’ Een zacht geluidje, dat het midden hield tussen piepen en jammeren, leek onder de caravan vandaan te komen. Muoike viel op d’r knieën en tuurde onder de dissel door naar achteren. Er kwam een enorme kreet en wat daarna gebeurde is eigenlijk met geen pen te beschrijven. Madame had van een ouwe dweil en een paar handdoeken een soort nest gemaakt en lag daar tussen de wielen met een achttal prachtige pups. Ze trok de mondhoeken in een soort verontschuldigende glimlach en probeerde een klein kwispeltje met haar korte staartje. Een voorbijkomende campinggast keek verwonderd naar het merkwaardige schouwspel van een heleboel benen die onder de caravan vandaan staken onder een kakofonie van vreugdekreten. Weldra lag hij er ook bij en Muoike ratelde in Franse geuren en kleuren wat er was voorgevallen. Er was voor de man geen touw aan vast te knopen en al helemaal niet wat Madame Tussaud hier nu mee van doen had, maar hij ging volledig mee in het enthousiasme. Het duurde lang voordat de rust was teruggekeerd op die berghelling in de Franse Ardêche.

De resterende dagen van de vakantie verliepen zonder noemenswaardige incidenten. Er werden toch maar geen cantharellen meer gegeten, al had dat natuurlijk best gekund. Na een tweetal weken werd het kampement opgebroken en keerde de hele meute weer terug. Onderweg naar huis kon je een roerloze, doch trotse moederspaniël voor het raam van de caravan aanschouwen. Echter, op gezette tijden moest ze eventjes haar stekkie prijs geven, want dan riep de moederplicht.

Augustus 2007

 

Dit bericht is geplaatst in COLUMNS. Bookmark de permalink.

Reacties zijn gesloten.