Eenoog

In het land der blinden is eenoog koning. Zo luidt het gezegde. Maar gelukkig zorgt Moeder natuur bij mens en dier meestal voor een tweetal gezonde kijkers voor elk individu. Het gebeurt wel eens dat een oog zodanig beschadigd raakt, na een ongeluk of door ziekte, dat je het beter weg kunt halen. Dan is er tenminste nog eentje over om te zien, ook al wordt er aan gezichtsveld en diepte wat ingeboet. Bij mensen wordt dan een kunstoog geplaatst; bij dieren hechten we de oogleden gewoon dicht. Met een eenoog als resultaat.

Eenoog, Famke,Christina en Daan v.d.MeulenGouwe ouwe, kat 25 jaar 002 - kopie 1

 

 

<<Famke

 

 

Jopper>>

 

Een geheel ander fenomeen is cyclopia, de aangeboren eenoog. De naamgeving komt uit de Griekse mythologie. Homerus beschrijft in zijn Odyssee Cyclopen als woeste, eenogige reuzen die kinderen verslonden. Deze monsters hebben dat ene oog midden in het gezicht onder het voorhoofd zitten. Men denkt dat de fantasie van de Grieken op hol is geslagen toen ze olifantenschedels vonden. Daarin zijn ondiepe oogkassen te zien en een groot gat op de plaats van de slurf. Bij cyclopia gaat er in de ontwikkeling van het embryo iets faliekant mis. De voorkwab van de hersenen vormt geen twee aparte hersenhelften. Gebreken in de hersenstructuren en de hersenfuncties zijn dan het gevolg. Tevens ontstaan er ernstige misvormingen in het gezicht. Er vormt zich slechts één groot oog op de plek waar de neusbrug moet beginnen met aan weerskanten gesloten oogleden en meestal ontbreekt er een neus. Vaak is de oogzenuw ook niet goed ontwikkeld. De jonggeborene zou dus niet kunnen zien, ondanks de aanwezigheid van het oog. De rest van de buitenkant van het lichaam lijkt bij cyclopia wel intact en goed gevormd. Soms ontwikkelen organen zich ook niet naar behoren en is er sprake van bijvoorbeeld een ernstig misvormd hart. Het komt zowel bij mensen als dieren voor. Meestal wordt de vrucht niet voldragen, en zo wel, dan sterft deze gauw na de geboorte. Het is letterlijk en figuurlijk een vreselijk gezicht. Deze afwijking zal vast ook in de oudheid wel eens voorgekomen zijn. Aangezien de levensvatbaarheid gering is, zal er nooit eentje ‘groot’ geworden zijn. Wellicht in combinatie met de gevonden olifantenschedels heeft de Cycloop zijn intrede in de mythologie beleefd. Wie zal het zeggen? In het land der blinden is eenoog immers koning. Onlangs ving mijn collega een kalf met deze afwijking. De moederkoe droeg het een maand over tijd en de boreling was dermate groot dat het met de keizersnede verlost moest worden. Een akelige ‘verrassing’ voor zowel de koe, de boer als de bistedokter. Het kalf heeft maar kort geleefd, omdat mijn collega er gauw een eind aan heeft gemaakt met een spuitje…

Cycloop kalf 1

Oktober 2015

 

Dit bericht is geplaatst in COLUMNS. Bookmark de permalink.

Reacties zijn gesloten.