Arjen, ’n mooi portret

Vaak zegt 81-jarige schapenboer uit Jirnsum zijn naam niet eens meer als hij ´s ochtends tijdens het telefonisch spreekuur belt. Na een begroeting steekt hij meteen van wal met een vraag, een verslag van een ziek dier of zijn belevenissen van de afgelopen nacht. Op zijn kenmerkende manier van praten, desgewenst verlevendigd met ‘nokkerjende’ schapengeluiden, verhaalt hij dan over een ‘lammerij’, vraagt advies of maakt hij een afspraak voor die dag. In het lammerseizoen belt hij vaak. Meestal omdat hij zich zorgen maakt over één van zijn ‘skiepkes’. Onlangs belde hij spontaan op met een tip. Of het niet leuk was een ‘Bistedokter’ te wijden aan het voorval met de hond een paar jaar terug. Die had destijds ‘in hoas fan ‘e frou opfretten’ en we hadden ‘m toen laten braken ‘as in ielreager’. Het leek mij niet een geweldig idee. Zoiets hebben we de revue al eens laten passeren. Bovendien had ik niet een geweldige relatie met die hond. Trouwens het beest leeft al niet eens meer. Nee, het leek me veel leuker om de markante Arjen Schoustra zelf te portretteren. Zodoende, dus.

Afgelopen winter trof ik Schoustra bij de buurman tijdens een verlossing van een koe. Hij was daar net zijn schapen in het land wezen tellen. Ik kreeg meteen een opmerking van hem te verduren, toen hij me met ontbloot bovenlijf bezig zag in de vrieskou. En wel over mijn borsthaar, of liever gezegd over het ontbreken daarvan. Het paste gewoon niet in zijn beeld van ‘robuuste’ veearts. Bovendien mag hij graag plagen. Het liefst met een stevige klap op de schouder daarna. Zelf is hij een ouwe taaie. Steevast gekleed in zijn authentieke boerenkiel en een riem om het middel, meestal getooid met een ijsmuts of een pet en uiteraard altijd op klompen. Dit jaar is het goed verlopen met de ‘lammerij’. Zelf ben ik alleen lammeren wezen enten. Ik kwam die dag wel drie keer, omdat ik steeds als ik bij hem was, weer naar een spoedgeval werd geroepen. Toen ik ’s middags om vier uur voor de derde maal kwam, was de boer in geen velden of wegen meer te bekennen. Ik heb de krant van de mat gepakt en ben in het bûthús op een tuinstoel gaan zitten lezen. Na een kwartiertje kwam hij schuldbewust opdagen, want ja, de eendenkorven moesten nog opgehangen. Naast schapenboer is Schoustra namelijk vogelman in hart en nieren. Mocht ook altijd ‘stomme graach aaisykje’, hetgeen dit jaar helaas tot nazorg is beperkt. Schoustra is trouwens langer bij de vogelwacht, dan bij zijn vrouw, met wie hij ook al meer dan 50 jaar is getrouwd. Samen bewonen ze een stelpboerderij naast de ijsbaan. Die ijsbaan wordt nog steeds met de hand ‘greppele’, om de schaapjes zomerdag op het droge te hebben. Dat hebben ze trouwens al lang, maar zo lang ze het kunnen, moeten ze wat om handen hebben. De koeien zijn al lang vertrokken. Toen ik in het begin op de boerderij kwam was er nog maar één oude koe, die met de hand werd gemolken. De melk was voor een paar opfokkalfjes en natuurlijk voor eigen gebruik. Tegenwoordig zijn er alleen nog maar een twintigtal schapen. En die geven drukte genoeg, want ze moeten optimaal verzorgd worden.Als je iets doet, doe je het goed is het motto! Dat betekent driemaal per jaar zelf de klauwtjes bekappen, tijdig ontwormen en tegen maden behandelen en dan rest er nog het ‘lânwurk’.

Schoustra heeft een heel eigen vocabulaire, zo zit zijn vrouw bij de ‘platte vrouwen’en woont hij naast de ‘Wolven’. Hij is nog zo gezond als een vis en prima in conditie. Alleen in het voorjaar slaat vrijwel jaarlijks de griep toe, ondanks de griepprik. De drukte van de schapen en het onontkoombare slaaptekort daardoor spelen hem dan parten. Dan is hij ‘sa siik as in hûn’. Maar zomerdag fietst hij weer ‘as in jongfeint’. Kortom een ‘mooi portret’. Toen ik hem vroeg te poseren, vroeg hij in welk archief een foto van ‘sa’n âld sek’ moest.

HPIM0347Als we lammeren behandeld hebben, krijgen ze na afloop iets van Schoustra dat het midden houdt tussen snuffelen en een knuffel geven. In ieder geval toont het de genegenheid van de boer voor zijn vee. Hij verzorgt ze prima en is erg begaan met zijn dieren als ze ziek zijn. Als hij belt merk je direct als hij bezorgd is: hij slaakt een diepe zucht alvorens hij van wal steekt. Vervolgens belt hij dagelijks om het verloop te melden. Het laatste contact afgelopen week was vrolijk. De laatste lammetjes, de nakomertjes, komt hij altijd één voor één op de praktijk laten enten. Meestal komen ze dan samen, zij rijdt en hij zit ernaast met het lam op schoot. De prik is gauw klaar, dus tijd zat voor even bijpraten. Hij is erg somber over de weidevogels. Het gaat slecht met de broedresultaten. De aantallen vallen tegen en wat er is wordt geroofd. Oplossingen zijn niet zo makkelijk. Maar de ‘lammerij’ is dit jaar prima verlopen, optimistisch zien we uit naar volgend seizoen. Arjen Schoustra is geboren en getogen op de boerderij aan de ijsbaan en als zijn tijd komt, sterft hij daar het liefste in het harnas. Het bejaardenhuis moet hij niet aan denken,‘dêr gean ik subyt dea’!

Mei 2005

Naschrift oktober 2014: Inderdaad, Arjen Schoustra is ondertussen 90 jaar! Hij en zijn vrouw wonen nog steeds op de boerderij, zij het dat het aantal schapen wat gekrompen is. Maar verder is de ouwe baas nog geen spat veranderd!

Dit bericht is geplaatst in COLUMNS. Bookmark de permalink.

Reacties zijn gesloten.